Het is prachtig weer.
Vogels.
Ontluikend groen.
Vanmorgen, tijdens een slokje koffie, dacht ik aan een granaatinslag, een raket, die je halve huis wegvaagt, landmijnen op het tuinpad, een bommentapijt.
Dat je niet weet waar je naartoe moet.
Dat je nog leeft.
Dat je aangewezen bent op onbekende anderen.
Dat de bekende anderen opeens een nieuw gezicht hebben.
Anders kijken.
Je taal niet meer spreken.
Geen glaasje water.
Het verzengende onrecht.
De relativiteit van waarheid.
De verloochende geschiedenis.
De andere kant van alle medailles.
Denken aan de oorlog.
Het is prachtig weer.
Ik hoor een vliegtuigje in de verte.
Het geluid verdwijnt.
De kinderen van de muziekschool spelen viool.
Ze zingen.
De Paasvakantie is voorbij.
De kleuter op straat roept en lacht.
Het is prachtig weer.
Het raam staat wijd open.
De geur van lente.
Het is een dag en een uur rijden naar Oekraïne.
2.209 kilometer.
Het geluid van verkeer in de verte: De Ring.
Het geluid van gewone werkzaamheden: hameren.
Het geluid van vogels.
Een politiesirene.
Rust. Eigenlijk.
Denken aan de oorlog.
Wat zijn woorden
niks
Het scheurt
Het schreeuwt
Ik leef en doe dingen
Ik ben er
Ik besta
ik eet en adem en stap
op de fiets en kijk eens
rond en denk wat zal ik
nu eens gaan doen en
vind dat het zonnetje
lekker schijnt en is dat
een roodborstje oh nee
le pas du chat noir en
ik denk helemaal niet
aan oorlog
Wat is er gebeurd tussen dat we dachten dat de wereld een plek was voor iedereen en nu, nu de miljarden, de onbeteugelde kapitaalkracht, machtswellust de dienst uitmaken.
Nu de geschiedenis herschreven is.
Nu de varkens mensen zijn geworden of omgekeerd.
Nu de ‘Umwertung aller Werte’ een feit is, maar een beetje anders.
Dan we dachten
Hoopten
Wensten

Geef een reactie
Je moet ingelogd zijn om een reactie te geven.